Let’s talk about chemsex: Een verslavende cocktail van seks en drugs

22/08/2018 - 08:56
getuigenis
Illustratie van twee anonieme gezichten van mannen
Je hoort het zowel aan de toog in homobars als bij onderzoekers en artsen die met homo- en bimannen in aanraking komen: het druggebruik onder homo’s neemt toe.

 ‘Chemsex’ wordt het vaak genoemd, het gebruik van chemische drugs bij seksuele contacten. Het druggebruik vindt vaak plaats tijdens seksfeestjes thuis, met meerdere partners, soms ook in de sekshoreca of op dansfeesten met een internationaal publiek. Vaak duren die seksfeestjes een hele dag of langer. Internationaal groeit de bezorgdheid over deze nieuwe trend.

Drugs waren vroeger ook al aanwezig in de gay- scene om het plezier op de dansvloer en in bed te versterken of te verlengen. De indruk bestond dat dit druggebruik grotendeels onder controle was. Mannen kenden hun grenzen qua gebruik en informeerden mekaar binnen de subcultuur over ‘veiliger’ gebruik. Toch hebben steeds meer mannen problemen met chemsex. Ze klagen erover dat ze steeds vaker over hun eigen grenzen gaan of dat ze zich achteraf niks meer herinneren van wat er met hen gebeurd is. Sommigen hebben last van de fysieke en mentale weerbots na een weekend chemsex, waardoor het moeilijker wordt om tijdens de week nog goed te functioneren.

De producten die tegenwoordig in zwang zijn voor chemsex (mephedrone, GHB/GBL, crystal meth) zijn heftig en risicovol, zowel voor verslaving als voor overdosering en andere drugsongelukken. ‘Slamming’ – crystal meth en mephedrone injecteren – wint aan populariteit en ook dat brengt extra risico’s mee. Spuiten, in plaats van roken of snuiven, geeft een hoger risico op verslaving. Door naalden te delen worden hiv en andere ziektekiemen gemakkelijk overgedragen.

Wat is er aan de hand? ZiZo sprak met Paul en Frédéric, twee van de oprichters van de Brusselse praatgroep Let’s Talk About Chemsex, en met seksuoloog Tom Platteau, die in het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) gesprekken heeft met homo- en bimannen die problemen ondervinden met chemsex.

Frédéric (36)

“De combinatie van seks en drugs is niet nieuw voor mij. Op mijn 23 werd ik geïntroduceerd in de kinky gay- scene en daar kwam XTC aan te pas. Aanvankelijk was mijn gebruik beperkt. Mijn problemen met chemsex begonnen pas zo’n jaar of drie geleden, toen ik mijn eerste smartphone had. Voorheen had ik een BlackBerry van het werk, waar ik geen dating apps kon opzetten. Ineens was seks altijd en overal beschikbaar. En ook drugs. De tweede vraag in een chat is vaak meteen of je ‘chemsfriendly’ bent.”

“Aanvankelijk vond ik dat vooral prettig. Chems werken ontremmend. Je komt er gemakkelijker mee los bij SM-rollenspel of bij fisten. Met drugs kan je grenzen verleggen, wat ik heel geil vind. Maar ik kreeg steeds vaker te maken met excessen, waarbij ik mezelf verloor en dagenlang van de ene date naar de andere holde. Het begon een impact te hebben op mijn dagelijks leven. Ik moest me soms ziek melden op het werk of etentjes met familie of vrienden afbellen.”

Gebruik ik chems voor seks, of heb ik seks om chems te gebruiken? - Frédéric

“Als ik terugkijk zie ik dat sommige privézaken meegespeeld hebben. Ik wist in mijn relatie niet meer hoe het verder moest. En ik had beslist om een nieuwe wending te geven aan mijn carrière, maar wist niet hoe of wat. Ik was een kieken zonder kop. Misschien vluchtte ik daardoor in chemsex. Ik ben nogal zwart/wit. Soms had ik twee weken geen seks en dus ook geen chems. Om dan weer van de ene chemsexdate naar de andere te gaan.”

“Die excessen maakten dat ik me steeds onbehaaglijker voelde. Ik vroeg me af: gebruik ik chems voor seks, of heb ik seks om chems te gebruiken? Ik stelde me een heleboel vragen. Is het niet zielig om niet te kunnen genieten van een mooi mannenlichaam zonder chemische brol? Hoelang kan ik dit nog betalen? Kan ik chems uit mijn leven bannen? Wil ik dat? Wil ik chems houden voor bijzondere momenten? Maar wat is dat dan, elk weekend? Ook vandaag blijf ik dates zoeken met chems. Ik ben daar niet trots op. Maar dates zonder chems interesseren mij niet, ik mis de intensiteit ervan.”

“Het was niet eenvoudig om begeleiding voor mezelf te vinden. De meeste drughulpverlening is bedoeld voor andere mensen dan ik. Voor mensen die methadon nodig hebben, of die juist uit de gevangenis komen. Ik had ook geen behoefte aan iemand die me nuttige tips geeft over ‘veilig’ injecteren of coke snuiven. Dat biedt me geen oplossing als ik me rotslecht voel wanneer ik te ver ben gegaan. Psychologische bijstand is duur, zeker als je ook nog drugs koopt. Sinds kort heb ik betaalbare hulp gevonden. Maar het is een meerjarenproject, denk ik. Ondertussen neem ik PrEP. Ik heb altijd wel gekozen voor condooms, maar toch waren er momenten waarop ik de controle kwijtraakte. Ik heb vier keer een PEP-kuur gevolgd.”

Paul (55)

“Ik ben pas laat begonnen met chems. Tot mijn 41 heb ik geen drugs gebruikt. Toen kreeg ik een relatie met een Amsterdammer. Hij ging graag uit. Ik was bedeesd, een beetje sociaal onaangepast zelfs. Hij bood me een lijntje cocaïne aan. Ik werd er zelfzeker en sociaal van. Aanvankelijk gebruikte ik enkel coke wanneer ik stevig uitging. Wanneer we het dansen beu waren, was er seks. Op de plekken waar we uitgingen of thuis met een groepje vrienden. Ik ben toen al snel andere middelen gaan gebruiken. In 2004 probeerde ik voor het eerst crystal meth, gekregen van een Amerikaan.”

“Dat was een plezante tijd. De negatieve gevolgen waren er ook, zoals uitputting of depressief zijn tijdens de comedown, maar die nam je erbij. Ik was jonger toen, misschien had ik er daarom minder last van. Na vier jaar voelde ik dat het mentaal niet zo goed ging met mij. Ik had soms paranoïde waanbeelden. En ik voelde me er schuldig over dat mijn leven helemaal draaide rond drugs.”

“Ik dacht dat op te lossen door terug te keren naar Brussel. Maar ik merkte al snel dat ook hier de drugs overal waren. De grote boosdoener zijn de dating apps. Je zet je telefoon aan en binnen de kortste keren vind je een date met chems. Het gekke is dat de seks mij op de duur niet meer zoveel deed. Maar het hele ritueel errond – dates zoeken, een date vinden, je dealer bellen, je dates thuis ontvangen, nog iemand zoeken die mee komt seksen – is spannend. De thrill van gelijkgezinden vinden is bijna belangrijker dan de daad zelf.”

“Ik verleg mijn grenzen steeds meer. Dat jaagt me angst aan. Ik zit op een slippery slope en ik voel me afglijden. Sommige zaken die ik me had voorgenomen nooit te doen, heb ik toch gedaan. Slammen, bijvoorbeeld. Op een dag ben je op een feestje bij iemand die je uitnodigt om mee te slammen en je hoort jezelf ja zeggen. Condoomgebruik zit er bij mij ingeramd – ik heb de aidsjaren meegemaakt – en toch heb ik seks gehad zonder condoom. Dan is er het schuldgevoel en de angst achteraf.”

Als je zegt dat je ermee wilt stoppen, reageren de meesten verontwaardigd. Je hoort er ineens niet meer bij - Paul

“Het is moeilijk om hierover te praten met vrienden. Zeker met vrienden die ook gebruiken. Als je zegt dat je ermee wilt stoppen, reageren de meesten verontwaardigd. Je hoort er ineens niet meer bij. Ik kan soms lange perioden niets gebruiken. Toch gaat er geen dag voorbij dat ik niet aan drugs denk. Ik merk tijdens het uitgaan in de gayscene steeds meer van druggebruik. Ik hoor ook regelmatig over mannen die er mentaal onderdoor gaan, of een overdosis hebben genomen.”

“Ik heb hetzelfde parcours in de hulpverlening gelopen als Frédéric. Ik ben nooit de deur gewezen bij een instelling, maar de conclusie was telkens dat ik niet paste in hun profiel. Een therapeut vinden die thuis is in verslavingszorg en in de gay- scene is ook niet eenvoudig. Je krijgt daar ook geen advies over, want dat zou zogezegd concurrentievervalsing zijn. Een centrum voor seksuele gezondheid, waar je zowel voor testen als voor counseling terechtkan, zou nuttig zijn. Die vind je nu al in Londen en Parijs.”

“We zijn met onze praatgroep begonnen omdat we een plaats wilden waar mannen konden praten over chemsex, over zowel de positieve als de negatieve ervaringen. Waar ze mekaar vragen kunnen stellen of ervaringen kunnen uitwisselen zonder veroordeeld te worden. Wij zijn geen therapeuten of artsen en individuele gesprekken kunnen we ook niet bieden. Maar iedereen is welkom om er zijn ervaringen te delen.”

Tom Platteau

Er is nog geen hulpverleningsaanbod voor mannen die problemen hebben met chemsex. Maar in het Instituut voor Tropische Geneeskunde heeft seksuoloog Tom Platteau gesprekken met mannen die iets willen doen aan hun middelengebruik.

“De laatste jaren zien we op de consultaties in ITG dat er steeds meer homomannen zijn die vertellen dat ze drugs gebruiken. Dat geldt zowel voor de hiv-positieve mannen die we opvolgen als voor de mannen die om PrEP komen vragen. In buitenlands onderzoek zie je dat bijna 1 op de 3 homo’s met hiv zegt dat ze soms drugs gebruiken. Dat zijn natuurlijk niet allemaal mannen die problemen ondervinden  met hun chemsex-gebruiken, maar het geeft toch aan dat het geen marginaal fenomeen is.”

“De mannen die ik zie op mijn consultaties willen iets veranderen aan hun druggebruik. Omdat ze het gevoel hebben dat ze de controle kwijt zijn over hun gebruik. Of omdat ze merken dat hun relatie of hun werk eronder begint te lijden. Of ze zijn opgenomen in een kliniek, bijvoorbeeld na een overdosis. Sommigen zijn nog maar recent beginnen te gebruiken, maar verloren meteen de controle. Anderen hebben jarenlang plezier beleefd aan chemsex, maar merken dat ze op een bepaald moment de controle kwijt zijn.”

De mannen die ik zie op mijn consultaties willen iets veranderen aan hun druggebruik - Tom

“De meeste mannen in mijn praktijk willen niet stoppen met chemsex, maar zoeken een manier om terug controle te krijgen over hun leven. Voor mannen die veel tijd doorbrengen in kringen waar chemsex gebruikelijk is, draait op de duur hun hele leven rond seks. Ze zitten op een chemsexparty of ze zitten alleen thuis. In de week moeten ze bekomen van het weekend en in het weekend hebben ze geen contact meer met familie of andere vrienden. Seks is hun manier om contact te leggen met andere mannen.  Maar eigenlijk zijn ze eenzaam en zoeken ze verbondenheid met andere homo’s.”

“Volgens mij moet er meer op ingezet worden om die mensen een vangnet te bieden. Ik probeer de mannen die bij mij komen te interesseren in sociale activiteiten waarbij ze in contact komen met andere mannen, door lid te worden van een holebisportvereniging of yogaclub. Als ze merken dat ze ook los van seks een connectie kunnen hebben met andere mannen, kijken ze dikwijls op een andere manier naar chemsex.”

Deze tekst stond ook in ZiZo 143 en werd geschreven door Mark Sergeant van Sensoa.

Bron: 

Eigen verslaggeving

Illustratie van twee mannelijke personen die triestig naast elkaar staan, anoniem
Lees meer over: